Turks > Nederlands <> Nederlands > Turks Woordenboek |


Turks > Nederlands <> Nederlands > Turks Woordenboek.
Türkçe > Felemenkçe <> Felemenkçe > Türkçe Sözlük.
Türkçe > Hollandaca <> Hollandaca > Türkçe Sözlük.
77238 Kelime - Woord.


'op iemand' Kelimesinin Anlamları:

açilmak, ayrilmak, 3 op iemand (kötü niyetle) birinin üzerine gitmek
adını lekelemek / n/ iemands (goede) naam krenken, een smet op iemands
adını vermek / n/ 1 (torpil için) zich op iemand beroepen, de autoriteit
af bir de sen öde! 3 iets op iemand bir şeyi birine yüklemek, bir
ağaçolmak mec./fıg. lang op iemand staan wachten
alacağa geçirmek / crediteren, op creditzijde boeken, (op iemands
alacağa kaydetmek / crediteren, op creditzijde boeken, (op iemands
araba sürerek gelmek, sürerek yaklaşmak, yanaşmak, op iemand
argo/plat, sırtından geçin van andermans geld leven, op iemands kosten
arkasını dayamak / (birine iemand vertrouwen, zich op iemand
aşiri, şiddetli, fena, çok, een e pijn şiddetli aci, op iemand zijn
ateş etmek, 4 op iemand (iets) biri (bir şey) hakkinda kötü
başkasının cebinden geçinmek klaplopen, vegeteren op anderen, op iemands
başkasının sırtından geçinmek klaplopen, vegeteren op anderen, op iemands
bayilmak, zijn op iemand birini çok beğenmek, door het te heen
bel bağlamak / op iemand kunnen vertrouwen, op iemand bouwen, zich op
BEROEPEN g, (beriep, h, beroepen) 1 zich op iemand birinin
binmek, hirsindan köpürmek, barut gibi olmak, zijn op iemand (over iets)
birini kederlendirmek, II gs, 1 oy vermek, oy atmak, op iemand birine oy
birinin - ) een smet op iemands naam werpen, iemands goede naam aantasten,
birinin üzerine yürümek, op iemands woorden birinin sözlerine
boynunda kalmak / n/ op iemands schouders terecht komen
bozuk çalmak mokken, bokken, (door ergernis) ergens boos om zijn, op iemand
çengel takmak / de pik op iemand hebben en proberen hem schade te
çıkışmak berispen, uitfoeteren, een uitbrander geven, op iemand
CONTO (conti, s) hesap, iets op iemands schrijven bir
dalına binmek / n/ op iemands nek zitten, iemand lastig vallen, iemand
de schade op iemand zarari birinden talep etmek II f, g, (verhaalde, h,
dikmek, zijn aandacht op iemand dikkatini birine yöneltmek, vermek, 4 zich
diş geçirememek / geen vat op iemand hebben, iemand niet de baas
diz üstünde yazmak, op iemands zitten birinin dizinde oturmak, 2 (v,
doğum günüm bu yil cuma gününe denk geliyor, op iemand/iets birini/bir
dönmek, op iemand ( op iets) birine (bir şeye) çarpmak, birine
dragen, (başkasina) iemand ergens mee opzadelen, iets op iemand
een boot kayiktan atlayip uzaklaşmak, 4 op iemand (op iets)
een fiets bisikletten inmek, 2 op iemand (iets) birine (bir
een kasteel saray gibi ev, huizen bouwen op iemand birine tamamen güvenmek,
fig/mec baglamak, zijn hoop op iemand (iets) umudunu birine (bir şeye)
fig/mec op iemand maken birini didik didik aramak, II h, ( en) (schip)
firlayip açilmak, 2 op iemand birinin üzerine atilmak
GEBETEN zijn op iemand/iets birine/bir şeye diş bilemek, birine/bir
geçirmek, taşimak, bulaştirmak, een ziekte op iemand bir hastaliği birine
GEMUNT het op iemand hebben birini hedef almak, birini gözü önüne almak,
gidermek, boşaltmak, atmak, zijn woede op iemand (op iets)
gönül bağlamak verliefd worden en op iemand bouwen, zich in iemand
göz dikmek / oog hebben op iemands bezitting, onder iemands duiven
göz koymak / oog hebben op iemands bezitting, oog hebben op een
gözleri yollarda kalmak / n/ met smacht wachten op, (op iemand) lang en
gözlerinden anlamak /, n/ iets op iemands gezicht lezen
gözü olmak /- de/ een oogje op iemand/iets hebben
gözü tutmak een oogje op iemand/iets hebben, op het oog hebben, geschikt
gözü yolda kalmak / n/ met smacht wachten op, (op iemand) lang en
güvenmek vertrouwen (op), bouwen op iemand (inanmak) geloven in
HAKKEN I g, (hakte, h, gehakt) kesmek, kiymak, yarmak, II gs, op iemand
hesaba yazmak / op iemands rekening zetten/schrijven
hiçbir şey onu etkilemez, geen op iemand hebben birine söz geçirememek,
hiddetli, zijn op iemand birine kizmak, worden kizmak, zich maken
hincini gidermek, nemen op iemand birinden hincini almak, öcünü almak,
horlamak I snurken, ronken II / (aşağı gör minachten, op iemand
op iemand om iets), iemand iets betaald zetten
suç binne -, schuld) geschoven worden op iemand
zorgen dat iemand iemand anders volgt, iemand op iemand anders

Ana Sayfaya Dön